Stadspark


stadspark_bordHet initiatief om nabij de stad Groningen een stadspark aan te leggen is genomen door de vereniging “Groningen ten top”, een vereniging “tot bevordering van de bloei van Groningen”. Hieruit ontstond in 1909 de vereniging “Het Stadspark”. Men kreeg de beschikking over 40 ha. grond nabij de Paterswoldseweg, waarop het Stadspark zou worden aangelegd. Tuinarchitect Leonard Springer maakte het ontwerp. Het park kwam te liggen ten westen van de Paterswoldseweg, lengte ±1400 meter, breedte ± 300 meter.

In 1913 werd met de aanleg begonnen, maar door geldgebrek kon maar een bescheiden begin worden gemaakt. Tijdens de grote werkloosheid die na de eerste wereldoorlog optrad, werden hier velen te werk gesteld, zodat het park toch vrij snel klaarkwam. Het park werd aangelegd op een oude bedding van de Drentsche Aa, waarvan de bodem door plantengroei en veenvorming was opgeslibd. Om het hoge percentage veenzuren terug te dringen was kalkbemesting noodzakelijk. Er werden vijvers gegraven en terreinen opgehoogd.

In de tweede wereldoorlog (met name tijdens de bevrijding) heeft het park veel te lijden gehad. In oktober 1945 kon het echter na een grondige restauratie weer opengesteld worden. De gemeente werd in 1948 eigenaar van het park. De overgebleven gelden van de vereniging werden gebruikt voor de bouw van een kinderboerderij. In de zestiger jaren werd het park uitgebreid met een botanische tuin in de noordwesthoek.

Binnen het gebied van het Stadspark zijn nogal wat sportcomplexen verwezenlijkt zoals de IJsbaan, Renbaan, Voetbalveld en Atletiekcentrum. Ten behoeve van de recreatie is er een trimbaan, rolschaatsbaan, midgetgolf, speelweide, camping en een volkstuinencomplex. Bovengenoemde voorzieningen hebben, hoe prettig ze overigens ook mogen wezen, het Stadspark als groengebied erg versnipperd. Door de aanleg van de westelijke ringweg, waardoor het park pardoes in twee stukken werd gesneden, werd dit nog eens versterkt.
Ook al is het cultuurgroen nog niet oud te noemen (het park is immers pas in de 19e eeuw aangelegd), we vinden er al wel volwassen bomen. We noemen de dubbele rij beuken die het noordelijke stuk van de Concourslaan tot één van de mooiste lanen van Groningen maken; de prachtige verzameling coniferen en andere groenblijvende bomen tussen de parkeerplaats en de kinderboerderij; het bomenpark ten zuidwesten van het paviljoen.

Een aantal bomen in dit park is voorzien van een nummer. Het zou in dit kader te ver voeren om van al deze bomen de bijzonderheden te vertellen. Wel noemen we de namen, zodat u zelf met een bomengids uw eigen gang kunt gaan. Deze bomenwandeling begint ten zuiden van het paviljoen aan de Mulock Houwerlaan

1. Elsbes (Sorbus torminális)
2. Goudes (Fraxinum excelsior aurea)
3. Moeraseik (Quercus palustris)
4. Moerascypres (Taxodium distichem)
5. Amerikaanse linde (Tilia amercana)
6. Vleugelnoot (pterocarya fraxinifo1ia)
7. Esdoorn (Acer saccharinm ‘laciniatum’)
8. Plataan (Platanus acerifolia)
9. Canadese populier (Populus canadensis)
10. Moerascypres
11. Gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus)
12. Groene beuk (Fagus sylvatica)
13. Boomhazelaar (Corylus colurna)
14. Witte esdoorn (Acer saccharium)
15. Goudiep (Ulmus carpinifolia ‘wredei’)
16. Bruine beuk (Fagus sy1vatica purpurea)
17. Linde (Tilia vulgaris)
18. Amerikaanse eik (Quercus borea1is)
19. Haagbeuk (Carpinus betulus)
20. Beuk
21. Zomereik (Quercus robur)
22. Eik (Quercus robur castaneafolia)
23. Amerikaanse eik
24. Canadese populier (Populus canadensis)
25. Spaanse aak (Acer campestre)
26. Tulpenboom (Liriodendron tulipiferum)
27. Treuriep (Ulmus scabra pendula)
28.Treurbeuk (Fagus sylvatica pendula)
29. Bitternoot (Carya ováta)
30. Boomhazelaar
31. Hemelboom (Ailanthus glaudulosa)
32. Hollandse linde (Tilia vulgaris)
33. Sneeuwklokjesboom (Halesia carolina)
34. Beuk (Fagus sylvatica aspleniifolia)
35. Treuriep (Ulmus scabra pendula)
36. Hollandse iep
37. Gewone iep (Ulmus scrabra)
38. Zilverlinde (Tilia tomentosa)

Van het nieuwe gedeelte is de botanische tuin het meest interessant. Ieder jaar wordt deze plaats weer omgetoverd in een bloemenzee. Het is interessant om de wilde plantentuin in de verschillende jaargetijden te bezoeken. Let eens op de verschillen in kiemplanten, de bloeiwijze, de manier waarop de bevruchting plaatsheeft, de verschillen in zaden en zaaddozen en de daarmee verbandhoudende verspreiding van het zaad, de manier waarop de plant overwintert etc. De rust in de hierboven genoemde delen van het Stadspark zorgt ervoor dat vele vogels er zich thuis voelen. Het aantal soorten is door de verschillende biotopen vrij groot. In de vele vijvers kunnen we meerkoet, waterhoen, reiger, wilde eend, kuifeend en bergeend aantreffen. De bomen en struiken herbergen o.a. houtduif, winterkoning, pimpelmees, staartmees, koolmees, tjiftjaf, fitis, heggenmus, boomkruiper, zwarte roodstaart, ringmus, groenling, kneu, vink, sijsje, goudhaantje, roodborst, zwartkop, merel, zanglijster en koperwiek. Deze soortenrijkdom wordt bevorderd door het grote aantal “bosranden”. Op de grasvelden fourageren scholekster, grutto, tureluur, zilvermeeuw, kokmeeuw, witte kwikstaart en spreeuw.

Bijzonder vermeldenswaardig is de roekenkolonie ten oosten van de ringweg (de enige in de stad!). Naast deze .komen nog meer kraaiachtige voor: Vlaamse gaai, kauw, zwarte kraai en ekster. Al deze vogels zijn waargenomen tijdens een (vroege) vogelexcursie (12 april 1980 !) van het IVN !!

Het park wordt doorsneden met vele slootjes, die dikwijls verrassend helder zijn. Bij zonneschijn kunnen we gemakkelijk tot op de bodem het waterleven bestuderen, dat uit een bonte verzameling waterplanten, wieren, watertoren, waterkevers, kikkervisjes, poelen posthoornslakken etc. blijkt te bestaan. Eigenlijk een gigantisch aquarium. In juni bloeit de waterviolier met lila bloemtrossen; één van onze mooiste waterplanten.

Bron: Groen Groningen, IVN


Stadspark Groningen weergeven op een grotere kaart

Routes

Foto’s

Overige documentatie

Stadspark op Wikipedia

www.ponyverhuur.nl/web

www.campingstadspark.nl

Stadsparkvisie Groen Links Groningen